Janherman Veenker HET LEVEN IN BEELD

Janherman Veenker


*
21 Mei 1950
15 November 2005

coördinator STOP AIDS NOW!

oud bestuurslid COC, PvdA homogroep, lid Nationale Commissie Aids Bestrijding

HERDENKING
HET LEVEN IN BEELD
NALATENSCHAP

Sek 9 - september 1981 p. 2-3

antwoord op lezersbrieven
Roze Front (3)

Naar aanleiding van de brieven van E.J.A. Bakkers en Gerrit Jan van der Duim (Roze Driehoek) in SEK 81/8 graag het volgende. Ik voel me natuurlijk aangesproken vanwege mijn verklaring in het NOS-journaal. Deze was: de tolerantie in Nederland neemt toe; de situatie in het buitenland wordt snel ernstiger; er komt van bepaalde groepen, met name jongeren, felle agressie. Je moet in zo'n uitzending erg bondig zijn, dus genuanceerd was mijn verklaring niet. Daar wil ik me verder niet op beroepen, omdat ik denk dat ik sowieso met de briefschrijvers van mening verschil.

Janherman tijdens het omstreden interview © Bernard de Wolff,

De interviewer had vooraf bedacht wat ik moest zeggen (zo gaat dat) en stelde de volgende tekst voor: 'homoseksuelen ontmoeten steeds meer agressie en geweld, veroorzaakt door de ekonomische teruggang en de werkloosheid'. Ik was het met die tekst niet eens, vooral niet omdat het effekt ervan zou zijn dat de Nederlandse homobeweging eventjes grondig in de slachtofferrol zou worden geplaatst. Naar mijn mening stond dat niet in verhouding tot de agressie die we in Den Bosch kregen, en al zeker niet in verhouding tot de positie die de homobeweging op dit moment in Nederland inneemt.

Wat betreft het laatst: laat ik voorop stellen dat homoseksualiteit werd en wordt onderdrukt. Met alles erop en eraan: geweld, ontslag, diskriminatie, achterstelling, etc. Struktureel, dus als basisgegeven in onze samenleving, is homo-onderdrukking niet aan het verdwijnen. De vorm ervan is wel veranderd. In een zin gezegd: homoseksueel gedrag wordt eerder toegelaten dan aktief tegengegaan zolang het blijft binnen niet door homo's/flikkers/potten/lesbiennes zelf gestelde grenzen. Dat is een andere manier om te zeggen dat de tolerantie is toegenomen. Er is nog een andere manier om hetzelfde te zeggen: we worden met rust gelaten en een beetje ondersteund (zolang als het duurt). Dat is geen homobevrijding - zeker. Maar in de tijd dat er niet op ons gelet wordt, kunnen we een behoorlijke stap vooruit zetten.

Dat gebeurt volgens mij ook. Onze middelen om een effektieve bevrijdingsstrijd te voeren zijn flink toegenomen. We zijn organisatorisch en in maatschappelijke invloed gewoon vooruitgegaan. Ik ben daar niet overdreven enthousiast of dankbaar bij, maar wil dit moment wel graag voor de volle honderd procent benutten.

De briefschrijvers gaat het om het geweld op straat. Volgens mij wordt dat steeds minder gedekt door politiek, rechter en publieke opinie. Dat is bijzonder en in tegenstelling tot bijvoorbeeld de ontwikkeling in Engeland of de Verenigde Staten. Deze ontwikkeling is ook een rechtstreeks positief resultaat van de Nederlandse homobeweging, dat we overigens alleen kunnen behouden of verbeteren door aktief te blijven en zo breed mogelijk samen te werken.

De agressie op straat zal echter niet met enkele akties verdwijnen. Iedereen leert afkerig te zijn van homoseksualiteit en alleen een deel van de homo's en een kleiner deel van de hetero's leert zichzelf die afkeer af. Het lijkt mij zelfs waarschijnlijk dat bij een algemene toename in maatschappelijke tolerantie bepaalde groepen juist extra agressief zullen worden. Zij zullen hun afkeer niet kunnen rijmen met een tolerant klimaat en zich sterk afzetten tegen al die potten en flikkers die ze steeds meer en steeds onvermijdelijker tegenkomen. Ik verwacht niet dat we op korte termijn veel tegen een dergelijke ontwikkeling kunnen doen. We zullen er genoegen mee moeten nemen geweld en dreiging op straat zo klein mogelijk te houden door gebruik te maken van onze relatief sterke positie. Bijvoorbeeld zo: 'Pas op. De tolerantie neemt toe. Je kunt je niet meer zomaar even uitleven op potten of flikkers.'

Juist deze boodschap was m.i. overduidelijk in Den Bosch, door onze massaliteit, door ons gebruik van net gezagshandhavend apparaat, doordat mensen terug scholden, dreigden, in gesprek gingen wanneer dat nodig was. En dat laatste zonder onaanvaardbare risico's voor henzelf - een punt waaraan door de organisatie in Den Bosch voortdurend aandacht is besteed.

Een optimistische en vooral zelfverzekerde verklaring vond ik beter bij de sfeer in Den Bosch (en eerder in het Roze Front) passen dan een openbare aanklacht. Hoe juist ook, een aanklacht wegens homo-onderdrukking kunnen we dagelijks tot in een redelijk verre toekomst tot de samenleving richten, misschien kunnen we momenteel met een aanklacht eerst naar de rechter stappen. We maken kans op een fatsoenlijke afhandeling (zie dezelfde SEK pag.7).

In de publiciteit geef ik er de voorkeur aan duidelijk te laten merken dat we greep hebben op ons emancipatieproces, dat we onverstoorbaar doorgaan, dat we weten te gebruiken wat ons voor de voeten komt. En dat we noten op zang hebben: wij willen bijvoorbeeld een aktieve buitenlandse politiek t.a.v. bescherming van homo's in andere landen, Daarvoor is het van belang zowel het relatief tolerante klimaat in Nederland als de aanmerkelijk slechtere situatie in een aantal andere landen te benadrukken: twee argumenten die gezamenlijk een dergelijke politiek van Nederland internationaal geloofwaardig kunnen maken.

Natuurlijk kunnen (op korte termijn) goede afspraken met politie en goede politieke kontakten of (op langere termijn) een emancipatiestrategie niet alles voorkomen. Geleden pijn kan niet worden goedgemaakt. Onze onderdrukking is niet verdwenen, geweld is voor de toekomst niet uitgesloten. Maar moeten we daaruit de konklusie trekken dat we ons voortdurend op het geweld moeten concentreren in openbare optredens? Ik hoop in dit antwoord duidelijk te hebben gemaakt dat dat mij een zwakke zet van de homobeweging lijkt.

Janherman Veenker