Karola HERDENKING

Karola


*
21 Juli 1957
30 Oktober 2003, Amsterdam

HERDENKING
HET LEVEN IN BEELD
NALATENSCHAP

Drugspastoraat Nieuwsblad 165 (2003) p. 18-19

In Memoriam

begrafenis: Begraafplaats St. Barbara, 12 november 2003
We waren met zo' n twintig mensen bijeen om afscheid te nemen van Karola in de kapel op St. Barbara. Bekenden uit de Vrijburg, van AMOC en van het Drugspastoraat. We staken kaarsen aan rondom de kist - Karola hield van licht, van kaarsen. We luisterden naar muziek, waren stil, en er werden herinneringen opgehaald door zuster Andrée-Julienne, zuster Johanna en Sanne, Karola' s mentor in de Vrijburg.

Karola had niet zoveel op met een God die zegt wat je moet doen en laten in het leven. Karola had meer op met de konkrete dingen om zich heen waarvan ze genoot. Ze hield van licht, van kaarsen. En ze hield van de natuur - buiten, op straat en in het park. En van de natuur die ze binnenhaalde op haar kamer - haar plantjes, waar ze zo goed mogelijk voor zorgde.
En ze heeft genoten van de twee reizen naar Lourdes. Martha vertelde me dat Karola tijdens een bonte avond in Lourdes zó de slappe lach kreeg, dat ze het in haar broek deed: helemaal buiten zinnen van pret was ze.

Dit kunnen genieten, deze levenslust, wordt mooi verwoord in een gedicht van Hans Bouma

'Vlammen'
De aarde is niet meer te houden,
in geuren en kleuren vertelt ze haar verhaal,
armen vol bloemen steekt ze omhoog,
hoor haar applaudiseren, uitbreken in gejuich.
De aarde heeft weer iets te vieren
het leven, het fonkelende, vorstelijke leven,
de vlammen slaan haar uit.

Karola heeft ook veel verdriet meegemaakt in haar leven.
Ze kon geen leuke verhalen vertellen over haar jeugd. In Duitsland heeft ze twee kinderen gekregen, die ze niet zelf heeft kunnen opvoeden en groot zien worden. Eenmaal in Nederland heeft ze jaren op straat gezworven. Haar goede vriend Tobi moest ze verliezen.

Toen ze ruim drie jaar geleden een kamer in de Vrijburg kreeg, hielden verschillende mensen hun hart vast. Zou Karola wel kunnen wennen aan de regels en de regelmaat? Maar langzaam maar zeker werd ze rustiger. Ze richtte haar kamer gezellig in. Ze zorgde goed voor haar plantjes en voor haar omgeving. Ze genoot ervan om buiten te zijn; gewoon in het park liggen en omhoog kijken naar de bomen, naar de lucht. En met plezier maakte ze de straat schoon.

Het ging zelfs zo goed, dat er sprake was van een eigen woning. Enerzijds had ze daar zin in: eindelijk echt een eigen plek. Maar ze kon er ook tegenop zien. Zouden er nog mensen bij haar over de vloer komen. Hoe zou het gaan als ze van alles alleen moest doen? We weten niet hoe het gelopen zou zijn. Karola overleed op haar kamer. Gelukkig niet in het ziekenhuis of op straat. Ze is ingeslapen en niet meer wakker geworden.

Dat Karola rust in vrede.

pastor Nelly Versteeg