Joyce HERDENKING

Joyce


*
29 Augustus 1952, Amsterdam
22 Maart 1995, Amsterdam

latiniste

HERDENKING
HET LEVEN IN BEELD
NALATENSCHAP

Drugspastoraat Nieuwsblad 83 (1995) p. 10-11

In Memoriam

Op woensdag 22 maart overleed in het OLVG, Joyce Krebs in het bijzijn van haar moeder. Daarmee kwam een eind aan een zeer veelbewogen leven en een veelbewogen relatie tussen moeder en dochter. Joyce was in 1952 als enige dochter van het gezin Krebs in Amsterdam geboren. Ze werd 'hompie' genoemd, zat op school tegenover Alhambra en bij de Overtoom, hield van dieren, was padvindster en had een gelukkige jeugd.

Na haar lagere school ging ze naar het meisjeslyceum aan de Reinier Vinkeleskade en ze bleek een razend knap koppie te hebben. Ze werd latiniste, sprak vijf talen en al op haar 17de had ze haar gymnasium diploma op zak en zou ze medicijnen gaan studeren. Daarbij had ze ook nog een zeer knap uiterlijk en niets scheen haar succes in het leven in de weg te kunnen staan. Helaas had ze op het gymnasium geen lessen in levenswijsheid en omgaan met mannen ontvangen en ze was de jongste van de klas, de andere meisjes hadden al een bijbaantje en een vriend, zij niet. Ze ging de schade inhalen, kreeg een bijbaan bij de Sandwich Corner van 'de Bijenkorf' en een kamer op de Stadionweg en een Italiaanse vriend Paulo. Daarmee liep het lelijk mis en via hem begon ze te gebruiken.

Haar moeder had haar dochter eens beloofd, haar nooit in de steek te laten. Een tijd later belde Joyce haar moeder, midden in de nacht vanuit een telefooncel in de Beethovenstraat. Haar moeder kleedde zich midden in de nacht aan, ging naar haar dochter en hielp. Dit was het begin van een eindeloze rij pogingen die moeder deed om dochter te helpen. Haar moeder belde rechters, betaalde huurschulden en bezocht gevangenissen. Ze leerde zelfs Italiaans en bezocht en passant allerlei buitenlanders in gevangenissen door het hele land die geen bezoek ontvingen.

Joyce trouwde met een andere Italiaan, Pepino en woonde aan de Dusartstraat, waar een internationale groep gebruikers over de vloer kwam. Ze leefden van stelen van waar het geld zat. Joyce gaf ook weer weg aan degenen die niets hadden en leek wel eens op Robin Hood. Ze was mooi, intelligent en kon goed acteren, maar dat was de buitenkant. Inwendig werd ze vaak verteerd door schuldgevoel tegenover haar moeder, bad ze een gebed tussen het hosselen door en droomde ze van een geslaagd huwelijk. Ze kon de tegenspraken in haar leven niet rijmen.

Op een gegeven moment kon haar moeder de uitzichtloosheid niet meer aan en Joyce verhuisde naar Rotterdam, waar ze een relatie kreeg met Peter. Ze had er een herder Chita en ging zo nu en dan bij haar moeder logeren. De laatste jaren deed de HIV haar intrede bij Joyce. Joyce kreeg een buddy en practische hulp in Rotterdam, tot ze naar het ziekenhuis moest. Dat werd het OLVG, dan kon haar moeder, die haar nooit in de steek liet, tenminste bezoeken. Uteindelijk is Joyce daar ook gestorven.

Bij haar afscheid lazen we psalm 139, over God, die zijn schepsel door en door kent en nooit loslaat.

Ricus Dullaert