Willem P. de Ridder
meubelmaker, onderwijzer, beeldhouwer
medewerker Belangenbehartiging Sero-Positieven (BSP)
meubelmaker, onderwijzer, beeldhouwer
medewerker Belangenbehartiging Sero-Positieven (BSP)
Hivnieuws 77 - juli/augustus 2002
Hij zou dit jaar optreden op het Oerol Festival. Als circusdirecteur. Daarvoor hoefde hij alleen maar in zijn rolstoel voor een circustent te zitten en een half uur vol te praten, het gaf niet waarover. Zo'n project was aan Willem wel besteed, al zou een half uur voor hem nooit genoeg zijn.
Maar Willem ging dood nog voor het Oerol Festival begon en dus viel zijn carrière als circusdirecteur in het water. Het zou een mooie aanvulling op zijn cv zijn geweest. Midden jaren tachtig was hij meubelmaker, gaf les aan de meubelvakschool en zat in de avonduren op de Rietveld Academie. Die opleiding brak hij af toen hij hoorde dat hij hiv-positief was. Hij sloot zich aan bij de BSP als vrijwilliger. Zijn hart en ziel lagen bij het activisme van het eerste uur en zijn daar altijd gebleven. Het overlijden van zijn jongere broer Frits in 1994, die ook aids had, confronteerde hem hard met zijn eigen leven en ziekte. Heel lang bleef hij gezond en actief - daar kon hij zelf verbaasd over staan. Maar sluipenderwijs ging hij toch achteruit. Hij kreeg myelopathie en dat tastte zijn zenuwstelsel aan. De tijd dat hij nog meubels en kunstwerken kon maken was voorgoed voorbij. De plannen en dromen bleven. Hij zat al nooit om woorden verlegen, nu werden woorden langzamerhand zijn belangrijkste uitdrukkingsmiddel. Meermalen sprak hij in de Mozes en Aäronkerk over zijn leven met hiv. Heel kort maakte hij deel uit van de redactie van Hivnieuws, maar ook dat hield hij lichamelijk niet vol. Het was kort genoeg om kennis te maken met zijn eigenwijsheid en onverzettelijkheid: 'Geen komma mag je veranderen!' Zijn eigengereidheid grensde soms aan drammerigheid. Maar wie bleef luisteren en zich niet omver liet praten, kon wat van hem opsteken en merkte dat er achter al dat verbaal geweld veel creativiteit, gevoel en liefde zat.
Marleen Swenne
